Posts tonen met het label Anna Świrszczyńska. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Anna Świrszczyńska. Alle posts tonen

donderdag 8 december 2011

Hoe breed



IN EEN BLAUWE PYJAMA



Ik slaap in een blauwe pyjama,
rechts van mij slaapt mijn kind.
Ik heb nooit gehuild,
ik zal nooit sterven.

Ik slaap in een blauwe pyjama,
links van mij slaapt mijn man.
Ik heb mijn hoofd nooit tegen de muur geslagen,
ik heb het nooit uitgegild van angst.

Hoe breed is dit bed niet
dat er plaats is
voor zoveel geluk.




© Anna Świrszczyńska (1909-1984) 



In: De mooiste van Świrszczyńska, bloemlezing.
Samengesteld en uit het Pools vertaald door Jo Govaerts
en Karol Lesman. Tielt (B.)-Amsterdam, Lannoo/Atlas, 2006.




W niebieskiej piżamie

Śpię w niebieskiej piżamie,
z prawej strony śpi moje dziecko.
Nigdy nie płakałam,
nigdy nie umrę.

Śpię w niebieskiej piżamie,
z lewej strony śpi mój mężczyzna.
Nigdy nie biłam głową o ścianę,
nigdy nie krzyczałam ze strachu.

Jaki szeroki jest ten tapczan,
pomieściło się na nim
takie szczęście.

- Anna Świrszczyńska

dinsdag 2 augustus 2011

In de zon


HET RECHT OM TE DODEN



Het vertederende vliegenjong
een uur geleden geboren
warmt zich in de zon
op de hand van mijn kind.

Ik heb het doodgeslagen.

Mensen zeggen dat vliegen ziektes overbrengen.
Vliegen
zeggen misschien hetzelfde over mensen.

Mensen zijn sterker.


© Anna Świrszczyńska



Uit: Heb medelijden, tijd - Poolse poëzie van de twintigste eeuw. Samengesteld
en vertaald door Karol Lesman. Leiden, Plantage, 2003.

Anna Świrszczyńska (of Anna Swir, 1909-1984) maakte deel uit van de Poolse verzetsbeweging in de Tweede Wereldoorlog.
In 1944, tijdens de opstand van Warschau, werkte ze als verpleegster. Ze geldt als een buitenbeentje in de moderne Poolse poëzie.

woensdag 4 mei 2011

Zulke woorden


ALS EEN SOLDAAT STERVEN GAAT




Bij de brancard op de grond
zat ik naast hem geknield
ik kuste zijn jack
ik zei: je bent mooi
je kunt nog zoveel geluk brengen
je weet zelf niet hoeveel geluk
je blijft leven mijn mooie
mijn dappere.

Hij glimlachte en luisterde
zijn oogleden werden zwaar
hij wist niet dat men zulke woorden
tegen een soldaat zegt
alleen als hij sterven gaat.


© Anna Świrszczyńska 


Uit: De mooiste van Świrszczyńska, bloemlezing. Samengesteld en uit het Pools vertaald door
Jo Govaerts en Karol Lesman. Tielt (B.)-Amsterdam, Lannoo/Atlas, 2006.


Gdy żołnierz kona


Przy noszach na podłodze
uklękłam obok niego
całowałam jego kurtkę
mówiłam: jesteś piękny
możesz dać tyle szczęścia
sam nie wiesz ile szczęścia
będziesz żyć mój piękny
mój dzielny.


Uśmiechał się i słuchał
ciążyły mu powieki
nie wiedział że takie słowa
mówi się żołnierzowi
tylko kiedy kona.
 
- Anna Świrszczyńska

vrijdag 8 april 2011

Ongeschikt


DAT ZOU NIET GOED ZIJN

(To nie byłoby dobre)


Als ik alleen ben
ben ik bang om me
te snel om te draaien.

Wat zich achter mijn rug bevindt
zou wel eens niet op tijd
een vorm kunnen aannemen
die geschikt is voor
mijn mensenogen.

En dat zou niet goed zijn.


© Anna Świrszczyńska



Uit: De mooiste van Świrszczyńska, bloemlezing. Samengesteld en uit het Pools vertaald door
Jo Govaerts en Karol Lesman. Tielt (B.)-Amsterdam, Lannoo/Atlas, 2006

dinsdag 21 december 2010

Wachten



OP SPOORWEGSTATIONS

(Na kolejowych dworcach)

 

Er zijn oude dwaze vrouwen
die in een bundeltje op de rug
hun hele hebben en houden dragen.

Zwervers die in elkaar gedoken
nachtenlang zitten op spoorwegstations.
Zieken die in het ziekenhuis wachten
op hun laatste operatie.

En ik heb zoveel tijd verdaan
met jou.

© Anna Świrszczyńska



Uit: Heb medelijden, tijd - Poolse poëzie van de twintigste eeuw.
Samengesteld en vertaald door Karol Lesman. Leiden, Plantage, 2003

zaterdag 11 september 2010

Vernietiging van een herinnering


IK WAS EEN HEMD



Voor de laatste maal was ik een hemd
van mijn overleden vader.
Het hemd ruikt naar zweet, ik herinner me
dat zweet van toen ik kind was,
al die jaren
waste ik zijn hemden en onderbroeken,
ik droogde ze
bij de ijzeren stoof in het atelier,
hij trok ze
ongestreken aan.

Van alle lichamen in de wereld,
van dieren en mensen,
verspreidde er maar één dit zweet.
Ik adem het
voor de laatste maal in. Door dit hemd te wassen
vernietig ik het
voor altijd.

Nu
zijn er van hem nog alleen zijn schilderijen,
die naar verf ruiken.



© Anna Świrszczyńska


Uit: De mooiste van Świrszczyńska, bloemlezing. Samengesteld en uit het Pools vertaald door Jo Govaerts en Karol Lesman. Tielt (B.)-Amsterdam, Lannoo/Atlas, 2006.


Piorę koszulę


Ostatni raz piorę koszulę
mojego ojca, który umarł.
Koszulę czuć potem, pamiętam
ten pot od dziecka,
tyle lat
prałam mu koszule i kalesony,
suszyłam
przy piecyku żelaznym w pracowni,
kładł je
bez prasowania.

Ze wszystkich ciał na świecie,
zwierzęcych, ludzkich,
tylko jedno wydzielało ten pot.
Wdycham go
po raz ostatni. Piorąc tę koszulę
niszczę go
na zawsze.

Teraz
pozostaną po nim już tylko obrazy,
które czuć farbą.

- Anna Świrszczyńska

woensdag 12 mei 2010

Atelier



HIJ SPRONG NIET VAN DE DERDE VERDIEPING

(Nie wyskoczyl z trzeciego piętra)


De Tweede Wereldoorlog.
Warschau.


Vannacht hebben ze bommen gegooid
op het Theaterplein.


Op het Theaterplein
heeft mijn vader zijn atelier.

Al zijn doeken, het werk
van veertig jaar.


Vanmorgen is vader gaan kijken
op het Theaterplein.
Hij heeft alles gezien.


Zijn atelier
heeft geen plafond meer,
geen wanden,
geen vloer.


Vader sprong niet
van de derde verdieping.
Vader is helemaal
opnieuw begonnen.



© Anna Świrszczyńska


Uit: Heb medelijden, tijd - Poolse poëzie van de twintigste eeuw.
Samengesteld en vertaald door Karol Lesman. Leiden, Plantage, 2003

zondag 14 februari 2010

Op een zondag


HET DRONG TOT HAAR DOOR



Op zondagnamiddag
toen ze eindelijk klaar was met de afwas,
ging ze
voor de spiegel zitten.

Die zondagnamiddag
drong het tot haar door
dat haar leven haar was ontstolen.

Allang.


© Anna Świrszczyńska





Uit: De mooiste van Świrszczyńska, bloemlezing. Samengesteld en uit het Pools vertaald
door Jo Govaerts en Karol Lesman. Tielt (B.)-Amsterdam, Lannoo/Atlas, 2006.



Dowiedziała się

W niedzielę po południu,
gdy pomyła wreszcie garnki,
usiadła
przed lusterkiem.

I dowiedziała się
w niedzielę po południu,
że ukradziono jej życie.

Już dawno.

- Anna Świrszczyńska

dinsdag 26 mei 2009

Einders


EEN AFSPRAAKJE

(Randka)



Aan de einders van mijn lichaam,
daar waar de huid,
wacht op mij.

Ik kom,
maar wat is het ver.


Anna Świrszczyńska (1909-1984)



Uit: Heb medelijden, tijd - Poolse poëzie van de twintigste eeuw. Samengesteld en vertaald
door Karol Lesman. Leiden, Plantage, 2003