maandag 9 januari 2012

Vriendschap


Als je mijn vriend bent

neem dan een jongere vrouw,
ik waag mij niet aan een huwelijk
waarin ik de oudste ben.



- Sappho





versfragm. 121 in: Sapfo Gedichten - uit het Grieks vertaald door Mieke de Vos, met een
nawoord van Doeschka Meijsing, Amsterdam, Athenaeum-Polak & Van Gennep, 2011

zondag 8 januari 2012

Vaargeul


EILAND



Zeker een eiland zijn. Zeker de brug
nog weigeren zolang je kan, de dijk
niet denken. Buiten het bereik
blijven van wat daar op de grens
van lucht en water loert: het land
waar eindeloos hongerig land achter ligt.

Maar wel de steiger teren voor het veer,
de vaargeul open houden, het uitzicht
bewaren op wat voor ieder kind weer
in dromen opdoemt: later ooit nog van
hier oversteken naar wat daar onzicht-
baar lokkend ligt: de overkant.



© Willem van Toorn


Uit: Willem van Toorn Tegen de tijd Amsterdam, Querido, 1997

zaterdag 7 januari 2012

Niets houdt haar nog warm


BOODSCHAPPENTAS




Ze hangt als een boodschappentas
aan mijn arm en ik bedenk
wat er met haar

uit mijn leven verdwijnt: Buisman,
een stoof, de theemuts.

Niets houdt haar trouwens
nog warm.

Bevelend wijst ze naar
de supermarkt en
vraagt me

wat ik zie:
ik noem een naam.

Nee, idioot,
dat is de overkant
en hoe komen wij daar?

Ik wil haar nooit meer ontstemmen,
zeg me hoe.

Maak je maar klaar,
we zullen moeten zwemmen.


© Wim Brands



Uit: Wim Brands Ruimtevaart, Amsterdam, Nieuw Amsterdam, 2005

vrijdag 6 januari 2012

In vlam


VAN DE ZIGEUNERIN


Voor Anthi


Ik wil zigeuner worden
zei ik tegen een zigeunerin
om jou te krijgen

Kun je vroeg zij als avondmaal
bittere groente eten zonder zout
en dan gaan liggen?

Dat kan ik zei ik

Kun je vroeg zij gaan liggen
zonder te huilen van kou
op de bevroren modder?

Dat kan ik zei ik

Kun je vroeg zij op de modder
mijn lichaam in vlam zetten
en verbranden tot as?

En of ik dat kan zei ik

Kun je vroeg zij mijn as
in je wijn strooien
en je bedrinken, mij vergeten?

Nee, dat kan ik niet zei ik

Dan word je geen zigeuner zei ze.




© Yorgos Pavlópoulos


- uit het Grieks vertaald door Hero Hokwerda -


In: Hotel Parnassus, poëzie van dichters uit de hele wereld. Poetry International 2003,
Rotterdam/Amsterdam, De Arbeiderspers, 2003 

donderdag 5 januari 2012

Lakens van de dageraad


DE GALM




De hitte van de ergernis,
het hese woord,
de galm van het verhaal.

De lakens van de dageraad,
droger dan ooit tevoren.

Gebieden waar geen geluid meer was.


© Armando



Uit: Armando Ze kwamen, Amsterdam-Antwerpen, uitg. Augustus, 2011

Elkaar drinken


SCHEPPINGSVERHAAL



Mooie geliefden waren we niet, tussen
stoffige dekens in een halfvreemd bed,
moe van de vlucht terug naar huis,
ondankbaar, vastbesloten
tot eten, drinken, elkaar.

Toch lagen we dicht
bij de ruimte waarin toen een
speldenknop, microscopisch land,
een nader uit te werken plan.

Leg je hand in mijn hand, je hart
in mijn hart, weet je slagen geteld.
Ken de oorzaak daarvan.

Je werd die nacht verondersteld
zoals dat heet, of liever toch bedacht.

Aan het einde van de slaap bleef
jij nog maanden duren.



© Ester Naomi Perquin



Uit: Ester Naomi Perquin Servetten halfstok, Amsterdam, Van Oorschot, 2007

Omdat


Omdat een droom mij aankeek ben ik er vandaag


- C.O. Jellema


woensdag 4 januari 2012

Cassave


[…]




Wat moet ik je geven om je aan
mij uit te lenen? Deftig ben je
van naam, met vier lettergrepen.
We dreven in een smokkelboot,
op de stranden lagen blinkende
visjes te drogen. We bezochten
de chimpansees. We aten cassave
en niemand wees ons de weg.
Later zou het vlooien beginnen
en het tuiten van de lippen.




© Emma Crebolder


Uit: Emma Crebolder Vergeten Amsterdam, uitgeverij Nieuw Amsterdam, 2010

Vogel


zegt Li: een pond veren

vliegt niet als
er geen vogel in zit


Bert Schierbeek



- Schone regels, rondrijdend Rotterdams vuilniswagengedicht -

Uitstapje


TERUG NAAR DE NATUUR



Er was een man, ik zeg niet wie
hij was, die hield van de natuur,

althans dat dacht hij, want hij had
gehoord dat daar zoveel te vinden was,

de stilte, vrijheid, blijheid en jezelf
en zo. Genoeg in elk geval om daar

eens heen te gaan.





© Rutger Kopland



Uit: Rutger Kopland Alles op de fiets, Amsterdam, Van Oorschot, 1969

dinsdag 3 januari 2012

Te koud


Spreken was het makkelijkste
commentaar.

Voor huilen was het te koud.

Voor waarheid hadden we
de verkeerde kleren aan.


© Jan Baeke


fragm. uit: Jan Baeke Brommerdagen, Amsterdam, De Bezige Bij, 2010

Storm!


KONVOOI OP DRIFT
[2]



Een konvooi van felgekleurde speelgoedbeesten
koerst op de Ierse en Britse kusten af
Drie jaar geleden zijn ze in een storm overboord geslagen
Sindsdien doorkruisen zij de wereldzeeën
gele eendjes, blauwe schildpadden, rode bevers
negenentwintigduizend in getal

Volgens een oceanograaf vandaag in The Times
heeft de bonte stoet al enkele leden verloren
Bij Sitka in Alaska spoelden vierhonderd beesten aan
en ook verderop bij Kodiak werden ze gesignaleerd
Die vondsten stellen de onderzoekers in staat
om hen te volgen op hun barre tocht
Momenteel bevindt het konvooi zich ergens in de Beringstraat
Keurig verpakt in schotsen ijs dobberen ze
met een snelheid van zo’n acht kilometer per uur
in de richting van de Atlantische Oceaan
In dat tempo zal hun ijselijke tocht wel vijf jaar duren
voor ze op de Ierse en Britse stranden rust zullen vinden

Door de beestenboel op drift te volgen
hopen oceanografen hun computermodellen
voor het zeegedrag te kunnen verfijnen

Volgens stromingsdeskundige Curtis Ebbesmeyer
lopen de beesten bij dit experiment geen enkel gevaar
‘Ze zijn veerkrachtig en kunnen zelfs
De zwaarste ontberingen doorstaan’


© K. Michel


Uit: K. Michel Waterstudies, Amsterdam, Meulenhoff, 1999

Haast



Wat onder het woordoppervlak
schuilt, schuilt daar haast
tevergeefs

                                                                     - Hans Faverey


maandag 2 januari 2012

Fiets


FINISH



De atleet stond op het veld
en rekte zijn oude benen
toen de dood langskwam en wenkte:
Dag jongen, loop je even mee?

Een korte steek in de zij,
dat was alles. Hij bukte zich
om zijn veters aan te trekken,
maar de schoenen waren al leeg en
hij rende de lucht in.

Gewichtloos en zonder
ooit buiten adem te raken
zwom hij door een sterrenzee,
fietste de melkweg rond
en liep ten slotte
in de witte tunnel van de zon,
als vuur door wind gedragen.

En bij de finish waren vele gezichten
die hem aankeken met zachte ogen,
en die zich verheugden,
want hij was er.


© Alexis de Roode


Uit: Alexis de Roode Geef mij een wonder, Amsterdam, Podium, 2005

De ander




THE WIFE


I know two woman
and the one
is tangible substance,
flesh and bone.

The other in my mind
occurs.
She keeps her strict
proportion there.

But how should I
propose to live
with two such creatures
in my bed -

or how shall he
who has a wife
yield two to one
and watch the other die.


© Robert Creeley





LA MOGLIE

Conosco due donne
e una
è di materia tangibile,
carne e ossa.


L'altra esiste nella mia
mente.
Lí tiene la parte che
le spetta.


Ma come potrei
suggerire di vivere
con due simili creature
nel mio letto -


o come potrebbe chi
ha una moglie
cederne due per una
e veder morire l'altra.


© Robert Creeley




Uit: Fernanda Pivano [ed.] Poesia degli ultimi Americani.  Milano, Feltrinelli | Universale Economica, 1964/2001 (8e dr.).
Poesia degli ultimi americani

Engels-Italiaanse bloemlezing met werk van Robert Creeley, Diane di Prima, Allen Ginsberg, Jack Kerouac, Norman Mailer, Gary Snyder, Bob Kaufman, Joel Oppenheimer, Jonathan Williams e.a.



Boekomslag: Jack Kerouac, gefotografeerd door Allen Ginsberg in New York in 1953, vier jaar voor verschijning van Kerouacs beroemde On The Road.

zondag 1 januari 2012

Hoe dichter


Denk.


Hoe dichter we bij het licht komen,
des te minder sterren we zien.

Hou nu op
met denken.


© Peter Verhelst



Uit: Peter Verhelst Zoo van het denken, Amsterdam, Prometheus, 2011

zaterdag 31 december 2011

Warme jaarwisseling (12 °C)


DORP OP DE BERG


In woorden die ik kies
in het chagrijn dat soms opduikt
in de reden dat ik ben waar ik ook ben

je bent de hoek van het café, de
schaduw van de dag, de kern van
de oude aan elkaar gegroeide stad.

Ik neem je argwaan voor wat er
niet vertrouwd uitziet voor lief.
Ik voed de rengelaote* aan mijn kind
en slinger honing uit de taal
die je in mijn geheugen vindt.

Ik ben de berg afgedaald
maar keer steeds terug om te weten wie ik ben.
Beloof dat ik altijd mag komen.
Beloof me, dat ik welkom ben.



© Sander Koolwijk



* Rengelaote: befaamde pruimensoort in Sweikhuizen (Sjweikese, L.), ook wel bekend als 'ringelotten'

Uit: Sander Koolwijk De patroon van dit huis Haarlem, uitg. mij. Holland | Windroosreeks, 2011.

Koolwijk [1974]  is  bergbeklimmer en dichter. In 2005 debuteerde hij  in de Windroosreeks met de bundel Onder dak (uitverkocht). In datzelfde jaar werd hij Nederlands Kampioen Podium Poëzie.
Als nationaal Slamkampioen treedt hij veel op en draagt hij voor van Poetry International tot en met Lowlands.



De  laatste dag, met sneeuw van vroeger: Sweikhuizen, gelegen op een heuvel, december 2010.
- naar een foto en idee van Har Wijnen -

Gebonden


KEER TERUG



Omdat vogels
mij zeiden

keer terug
naar het land

van je oorsprong
heb ik hun vleugels

gebonden
mijn hoofd reeds gebogen

naar alles
wat ik had vergeten


© Ton van Reen



Uit: Ton van Reen Blijvend vers. Verzamelde gedichten 1965 - 2007, Utrecht, De Contrabas, 2011.

Oorspr. gepublic. in Vogels, reeks De Bladen voor de Poëzie, 1965, Brugge (B.), uitg. Desclée de Brouwer

vrijdag 30 december 2011

Zwaluwen planten


DEZE REIS

(HIERDIE REIS)

Vir Jack

Deze reis die je gestalte uitwist
verscheurde bloedengel gegooid voor de honden
dit landschap is verlaten als mijn voorhoofd
Wond van de rozen

Graag had ik je zien lopen zonder ketenen
graag wilde ik weer je open gezicht zien
gezicht gebroken en dood als modder
Wond van de modder

In de nachten van afwezigheid zonder ogen
wilde ik een werkelijk ster zien in jouw hand
wilde ik de blauwe lucht blauw zien en één woord
horen van een echt mens

Bittere engel onwaarachtig met een vlam in je mond
onder je oksels zal ik twee zwaluwen planten
en over je lichaam een wit kruis trekken
Voor de man

aan wie jij me ooit hebt laten denken


© Ingrid Jonker


Laatste gedicht van Ingrid Jonker (1933-1965), kort voor haar dood geschreven, waarna ze de zee inliep en - zichzelf - verdronk.



In: Ingrid Jonker Ik herhaal je - uit het Zuid-Afrikaans vertaald door Gerrit Komrij,
met een nawoord van Henk van Woerden - Amsterdam, Podium, 2000

Daarginds


graaf hier, zegt de een

nee, graaf daarginds, zegt
een ander, graaf totdat je het
hebt gevonden

ik leg mijn spade terzijde
ik graaf niet, ik ga beginnen
mijn tong op te halen
uit diepe grond 



© Leo Herberghs



 
Uit: Leo Herberghs Hij, de langzaamste van allen Utrecht, De Contrabas, 2011.
 
 
Kaart van dichter Leo Herberghs bij eindejaarspost: 'Zullen we in het nieuwe jaar wederom door het leven gaan met "h" en zónder "h", en voelen we ons daar dan gelukkig mee?'
 
Kaartillustratie: Black Venus (1967), manshoog figuur van beeldhouwer-kunstschilder Nikki de Saint Phalle
- afbeeldingen en delen van haar werk zijn te zien in o.a. Basel,
Museum Jean Tinguely

Een rijk jaar


THUISKOMST



Ik droomde dat ik van je
droomde: we zaten op de bank en
praatten wat, je droeg de trui die ik
die dag gedragen had, je haar was
nat van alle regen. Je lijf solide

warm had weer de frisheid van
wanneer je in de grienden was geweest
en je vertelde feestelijk gewoon
dat het daarginds toch anders
bleek, hoe diep de wortels
reiken van de eik. En ik

verhaalde van wat ik hierboven
had geleefd, over het groeien van
de hazelaar, ook een bijzonder rijk
spinnenjaar zei ik. Je schaterlachte.



© Hester Knibbe



Uit: Hester Knibbe Verstoorde grond, Baarn, De Prom, 2002

donderdag 29 december 2011

Soortelijk gewicht


FAMILIEPORTRET





Toen moesten we een foto nemen

verzamelden ons feestelijk om blauw
geaderde kaas, gefileerde vis onder citroen,
taart toe, room, chocoladesnippers met
af en toe een druppel zout uit een oog.

Je soortelijk gewicht veranderde, maar
wij aten de dood de deur uit, boter, brood
alleen de fruitschaal sloeg alarm met zijn
vroeg zomerse kleuren. We groepeerden

ons, verstrengelden armen, wierpen schaduw
dat je niet uitgeknipt kon worden, een gat
gestanst voor het jurkje van een aankleedpop.

Het was een mooie dag, zei je, dank je wel
wij werden later digitaal bewerkt tot glimlach.



© Ineke Holzhaus



Uit: Ineke Holzhaus Waar je was, gedichten, Maastricht/Amsterdam, Azul Press, december 2011

woensdag 28 december 2011

Mobiel briefje


Sms-gedicht van Ingmar Heytze [eerste Utrechtse stadsdichter 2009-2011],
op een muur aan de Heycopstraat. Utrecht, omgeving Croeselaan. 

Grap van water


DE RIVIER
5



Eenzaam ben je altijd aan het water
van een rivier, omdat het je achterlaat
met je gedachten aan de dood. En later
als het weerkomt nog altijd water

is maar ander water, terwijl jij dezelfde
blijft daar op de kant, waar het veer
is opgeheven en de schepen, meer
dan vroeger en blinder en sneller,
als treinen in hun eigen richting razen.

Maar dat zou ik immers voor je weglaten
uit deze prent. Is mijn klein schip al daar?
Laten wij dan nog één keer met elkaar
de heren zijn van dit lange papier,
ingrijpen in die boosaardige grap
van het water. Kijk naar de rivier.

Nu staat hij stil. Bewegingloos. En hier
stroomt het met jou en mij weg, stralend
en bloeiend zeewaarts, ons landschap.


© Willem van Toorn


Uit: Willem van Toorn De aardse republiek, Amsterdam, Querido, 1988

dinsdag 27 december 2011

De val


WANKEL



Jarenlang in strijd met de wanordelijke
wetten
rekent hij op de val van het getal.

Hij hoort het waaien van de modder, hij ziet
de wrede groei,
de leegloop der rivieren.
Hij wankelt en gaat liggen.


© Armando



Uit: Armando Gedichten 2009, Amsterdam-Antwerpen, Augustus, 2009

maandag 26 december 2011

Afdruk


DAT ZIJ VLUCHTEN ziet de wereld op haar scherm.

Zij dragen op hun schouders de geesten
van wie levend zijn verbrand,
onzichtbare moeders, botten van kinderen.
De olijfboom houdt niet op met verrijzen.

Ochtend glinstert op hun wimpers
en het regent zelden in augustus.
De rivier proeft zwavel en scarabee.
Op de bergen schimmelen millennia.

Zij die vluchten wringen bloed uit lakens
en honden uit zwartgeblakerd wasgoed.

Mannen die vertrekken laten hun geur
achter in de afdruk van hun bed.
Ze wachten op gunstige wind.
Ze strelen het vraagteken in de ruggengraat
van hun vrouw en zeggen:
Dit is de laatste, ik ben de laatste.

Thompsons ratelen: zevenhonderd kogels
per minuut. Daarna gaat iedereen dood
in de damp van heilig water.

(Knin)*


© Johan de Boose





Uit: Johan de Boose Geheimen van Grzimek Antwerpen, Meulenhoff/Manteau, 2010.


Knin is een oude stad in Kroatië, vlakbij de bron van de rivier Krka. Alle partijen, ook in dit vakantiegebied aan de Adriatische kust in Noord-Dalmatië, maakten zich eind twintigste eeuw tijdens de Balkanoorlog schuldig aan etnische zuiveringen. Daarbij werden hele bevolkingsgroepen verdreven, onder grote dwang dan wel met dodelijk geweld. Vóór de etnische conflicten in het voormalig Joegoslavië bedroeg het aantal Servische inwoners dat al eeuwen thuis was in en rond Knin 79%. Tijdens "Operatie Storm" werden de Serviërs verjaagd: in 2001 vormden Kroaten uiteindelijk de meerderheid  (ruim  80%).

Onder zand


MIJN TRUI
*



In mijn land is er zoveel meer zand
dan korrels mensen.

In mijn land staat men op, groet
elkaar, schudt elkaar de hand en gaat
aan het werk.

In mijn land werd ik als kleine jongen
voorgesteld aan de vrouw met wie ik
nu nog steeds slaap

In mijn land zag ik hoe ze mijn moeder
vermoordden en later begroeven onder
zand.

In mijn land was ik marktkoopman
en verkocht ik alles wat men maar
wilde.

In mijn land zei ik tegen een klant:
“Geef me je hand, dan geef ik jou
mijn trui, ok?”



© Mostafa Chefhaki


* Aankondiging van de debuutbundel van de Nederlands-Iraanse dichter Mostafa Chefhaki Dan geef ik je mijn trui op DeContrabas.com.
De naam M.Chefhaki is een pseudoniem, om veiligheidsredenen gekozen in verband met in het geboorteland achtergebleven familie van de auteur.

Voor méér, zie:
http://www.decontrabas.com/de_contrabas/2011/12/debuut-mostafa-chefhaki.html

zondag 25 december 2011

Spiegel (1)



Gedicht KRA!, op verzoek van het Letterkundig Centrum Limburg
geschreven door Hans van de Waarsenburg -
aangeboden ter gelegenheid van de jaarwisseling 2011 | 2012.

Spiegel (2)


WINTERREIS


                                     'Eine Krähe war mit mir'

Alles gaat voorbij, streep na streep
De schaduw, het hoesten. Traag

Slaan de deuren dicht, spreekt
Het grijs van veldmutsen. Ieder

Gezicht is een perron, de tijd
Een dovemansoor. In dit

Niemandsland is een bed een
Gebaar, een droom van rust

Waarin je gezichten bedenkt,
Stemmen hoort van alle jaren,

Waarin de zwarte spiegel
Van het raam winters meereist.


© Hans van de Waarsenburg


fragm. uit Winterreis, Nederlands-Engelse bibliofiele eindejaarsuitgave met drie nieuwe gedichten van Hans van de Waarsenburg, grafisch verzorgd en gedrukt bij In de Bonnefant/Hans van Eijk, Maastricht-Banholt.

zaterdag 24 december 2011

Vitrines


BRIEF AAN MIJN MOEDER



Moet je horen, mamma, luister je?
Ik lees hier over een aanbod
waarbij zeer oude moeders met
meestal zeer oude zonen die
om niet tastbare redenen niet meer
bij ze willen slapen
een zwaan ter beschikking wordt gesteld
door de thuiszorg.
Het gaat om Hollandse zwanen.
Ze zwemmen overdag rond,
maar 's avonds worden ze opgeborgen
in prachtige vitrines.
Ze worden thuisbezorgd en in je bed gelegd.
Ze slaan hun linker vleugel om je heen: dat
is tegen angst voor duizeligheid en ze leggen
hun snavel op het andere kussen:
dat is tegen eenzaamheid.
's Ochtends worden ze weer opgehaald.
Nou, doe het maar, mamma.
Je bent er immers voor verzekerd.



© Frank Koenegracht


Uit: Frank Koenegracht Lekker dood in eigen land, Amsterdam, Bezige Bij, 2011

vrijdag 23 december 2011

Bedwelming


Morgen rijd ik met bedwelmende bloemen naar je toe.

Ik wil niet langer wachten, eindelijk weten hoe
je bent: de bloemen zullen je verraden.
Als je liefdeloos bent, zullen ze kwijnen en treuren;
Als je kwijnt van verlangen, heviger geuren;
Als je brandt van verlangen, hun knoppen scheuren
En jij in een groot gebaar al je gewaden.


©  J. J. Slauerhoff


Uit: J. Slauerhoff Verzamelde Gedichten, 's-Gravenhage/Rotterdam, Nijgh & Van Ditmar, 6e dr., 1961

donderdag 22 december 2011

Op de lezer!


Digitale wenskaart voor de decemberdagen van dichter Manuel Kneepkens

woensdag 21 december 2011

Het wak


WEGGAAN



ingekeerd akkerland
wind zonder geur
stemt zijn magere fluit

daar bovenuit
een viervoudig suizen
zwanen in strijklicht

nekken gestrekt
fronsend en zwijgend
verbeten op weg

blijven is doodgaan
het wak telkens kleiner

weggaan is sterven
op eigen kracht.


© Lodewijk Ouwens



Uit: Lodewijk Ouwens Wespenverdrinken en geel cellofaan Rotterdam, Douane, 2011

dinsdag 20 december 2011

Zijn blik


ARCHIEFVERNIETIGING



Hoe dit je verbaasde: een man die uitstapt met pech,
door een vrachtwagen aangereden op de andere weg-
helft beland, zijn vrouw aan de overkant
niet kan geloven dat auto na auto hem daar overrijdt,

hij om en om en na elke klap haar vragend aankijkt –
niet om hulp, want hulp – maar om wees bij me, nu
in dit uur dat duurt en duurt en je vraagt
is dat schoonheid? Ik weet het niet

Misschien hoe zij alleen zijn blik ziet,
niet de auto's, niet zijn lichaam,
niet de vrachtwagen

met dat stil opschrift haast uit het zicht
Misschien hoe je bij dit ongeluk dacht
aan geluk


© Hanz Mirck




Sonnet/titelgedicht uit de bundel Archiefvernietiging van Hanz Mirck,
Amsterdam, Prometheus, 2009

Vliegtuigje


RAAM IN DE LUCHT



Vandaag kreeg ik je brief.
Ik heb hem niet geopend.
Ik heb hem op mijn bed gelegd.

Stilte, achter mijn raam
in de lucht een vliegtuigje, hier
in de kamer steeds meer

schaduw - ik wil deze dag terug,
mijzelf bewaren: meisje met brief.
Daarom open ik je brief niet.




© Esther Jansma


Uit: Esther Jansma Dakruiters. Amsterdam, Arbeiderspers, 2000

Bekentenis



GEHEIM AGENT



Alles heb ik geregeld: de valse naam
en het hotel waar niemand ons zou zoeken.
Zijn spierkracht, dat hij klein was, niet veel sprak,
zijn gladde bruine zolen heb ik zelf bedacht.

De rust waarmee hij alles met me deed
om me tot een bekentenis te dwingen.
Stroomstoot, ijslikeur, bamboe, valse hoop:
hij was een meester in het derdegraads verhoor.

Toen ik vertrok had ik gezworen wat hij wou.
Ik had gemoord, verraden en gelogen,
en meer getierd dan hij ooit had gehoord
en toegegeven: deze ontmoeting vond nooit plaats.


© Tonnus Oosterhoff




Uit: Tonnus Oosterhoff  Boerentijger, Amsterdam, De Bezige Bij, 1990.

Het bestuur van de Stichting P.C. Hooft-prijs voor Letterkunde heeft maandag 19 december jl. besloten de P.C. Hooft-prijs 2012 toe te kennen aan Tonnus Oosterhoff (Leiden, 1953). Oosterhoff is dichter, essayist, schrijver, neerlandicus en reserve-brugwachter.  Hij krijgt 'de P.C. Hooft', een oeuvreprijs deze keer bestemd voor poëzie, uitgereikt op 24 mei van het nieuwe jaar tijdens een feestelijke bijeenkomst in het Letterkundig Museum te Den Haag.

Tonnus Ooosterhoff heeft al ruim tien jaar een website met 'bewegende' gedichten, illustraties en muziek die hij in het programma Flash schrijft:  http://www.tonnusoosterhoff.nl/menu/index.html

maandag 19 december 2011

Op een schaal


VERMEER



Zoals dode fazanten en patrijzen
precies hun plaats kennen op een
glanzende schaal, versierd met
een handvol bedauwde druiven, zo
vanzelfsprekend mooi in kamers
met een raam op het noorden, in
ingehouden licht, als vogels in een
kooi met het deurtje open, niet bij
machte om te vluchten, wachtend
op iets dat vanuit dat raam misschien
ooit: deze vrouwen vaak het hoofd
gebogen, bezig met wat nauwelijks
bewegen nodig maakt. Een brief
die wordt gelezen, melk gegoten,
een parel gewogen, een leven geleefd.


© Marc Tritsmans


Uit: Marc Tritsmans Van aarde, Tielt (B.), Lannoo, 1999

Rechtop


SPIJKER




De ingeklopte kop verraadt de punt
die door de macht van hamers werd verdreven.
Door timmerbazen voorgeproefd, verdund,
verplet tot scherpte, kwetst hij, hecht hij
de vezels waaraan hardheid zij gegund.

Weerspannigheid en lengte worden waarden
als groter smeedwerk hem het hout in drijft.
Hij blijft rechtop als hij de slagen krijgt.


© Geert van Istendael


Uit: Geert van Istendael Taalmachine Amsterdam/Antwerpen, Atlas, 2001

zondag 18 december 2011

Voorbij de zon - in memoriam Václav Havel


WEG VAN DE HOOP
*


Diep in onszelf dragen wij hoop:
Als dat niet het geval is,
is er geen hoop.

Hoop is een kwaliteit van de ziel
en hangt niet af van
wat er in de wereld gebeurt.

Hoop is niet voorspellen of vooruitzien.
Het is een gerichtheid van de geest.
Een gerichtheid van het hart,
voorbij de horizon verankerd.

Hoop
in deze diepe en krachtige betekenis
is niet hetzelfde als vreugde
omdat alles goed gaat,
of bereidheid je in te zetten
voor wat succes heeft.

Hoop is ergens voor werken,
omdat het goed is, niet alleen
omdat het kans van slagen heeft.

Hoop is niet hetzelfde als optimisme,
evenmin de overtuiging
dat iets goed zal aflopen.
Wel de zekerheid dat iets zinvol is,
ongeacht de afloop,
het resultaat.


© Václav Havel  (5 oktober 1936 - 18 december 2011)


*Veel aangehaald gedicht van de (toneel)schrijver-dichter, filosoof, mensenrechtenvoorvechter en verzetsman Havel. De vanmorgen overleden oud-president van Tsjechoslowakije en later Tsjechië (1989-2003) schreef Hoop in de periode dat hij zelf in de gevangenis zat: na jaren van vervolging, arrestatie en publicatieverboden ten tijde van de Charta 77-beweging.


Marmer


DE TUIN



Wat zal ik voelen bij het zien van zijn koude lichaam
zijn gele neus en marmeren handen.

Ga ik hem wassen of drink ik automatenkoffie.

Ik vrees het moment dat ik in het voorjaar voor het eerst
alleen de tuin te lijf moet gaan.



© Maarten Moll




Uit: Maarten Moll Lichaam, Amsterdam/Antwerpen, Uitgeverij Contact, 2011

Lampen


Wat nog splijten kon in jaren van weemoed,

nog kon roesten van onlesbare dorst,
vervalt en het roepen onder de aarde
doet geen pijn meer en de lampen,
de waakzame, van de ruisende vrouwen
gaan in duister gekleed.

Kijk, een haas slaat zijn haken,
buitelt en
proeft tussen zijn tanden het lood.


© Louis Ferron


Uit: Louis Ferron Voor de val, Amsterdam, De Bezige Bij , 1991

zaterdag 17 december 2011

Terug, zacht


PIETÀ


Die Welt is fort, ich muss dich tragen.
- Paul Celan



Deze pietà
is een man
verzorgd door een andere man
en morgen noodt hen
tot de zachtste
draaiing van een voet in de rug

deze rug raakt, omgekeerd, de voet
terug, zacht

!deog flezej grozreV


© Erín Moure


- uit het Engels vertaald door Samuel Vriezen -


Gedicht van Erín Moure (Canada, 1955) in: Chaos & Orde, festivalbundel
van Poetry International 2011, Rotterdam, juni jl.

Stem


ALLEDAAGSE WONDEREN



1.

Het was niet lang nadat hij van de markt terugkwam,
hij had gekeken naar speelgoed dat klein en
glinsterend in te grote bakken lag te wachten

op kopers terwijl ook hij al naar huis verlangde
waar zich tegenwoordig dagelijks een wonder
voltrok, zoals vanochtend

toen opeens het groene lampje van zijn huiscentrale dat
al jaren uit was even oplichtte.



2.

Hij hoorde op de markt, die al bijna werd afgebroken,
de stemmen van vrouwen en zocht de hare en
wist dat zij ook in het missen aanwezig is,

zoals een bril of een riem die je overal in huis zoekt
zich in je jaszak bevindt.





© Wim Brands




Twee nieuwe gedichten van Wim Brands in De Revisor 2011-2,
halfjaarboek voor nieuwe literatuur nr. 3.

vrijdag 16 december 2011

Betrapt


DE SLUIER



Wat is van het neerslaan van mooie ogen
betrapt op hun schoonheid, wel het verwonderlijkst?
Dat door hem of door haar die de ogen neerslaat
een zó schone sluier tevoorschijn gehaald wordt
en hiermee den schonen blik bedekt,
dat het doel hiervan, namelijk het verbérgen der schoonheid
van 't eigene wezen, geenszins bereikt wordt.


© Jan Hanlo


Uit: Jan Hanlo Verzamelde Gedichten, Amsterdam, Van Oorschot, 1970

donderdag 15 december 2011

Net als


ONBEGAANBAAR




                                                  Voor Yorgos Arayis




Deze weg is verzakt.


Dat komt doordat hij vanaf het begin
slordig was aangelegd
dat komt doordat de opzichters sjoemelden
en de werklieden
waardeloos materiaal gebruikten
de stommelingen


en dan kwam de regen er ook nog eens bij
met bakken uit de hemel
en de weg verzakte
en zonk weg
en werd een en al diepe scheuren
als wonden
als een kreet van protest naar de sterren.


Deze weg is verzakt.
Net als mijn leven.



© Anéstis Evangélou




- uit het Grieks vertaald door Kirsti de Hek -


in: Anéstis Evangélou Verslag van een balling, debuutbundel uit 1960, in tweetalige versie eerder gepubliceerd in Kruispunt nr. 179, Brugge, 1999.

woensdag 14 december 2011

Danser


O KUS MIJ, O OMARM MIJ



ik heb lang in de regen gestaan
ik heb lang op de bus gewacht
ik heb geen taxi kunnen krijgen
ik heb lang wakker gelegen
ik heb ontzettend gedroomd
ik heb niets gegeten
ik heb gestolen

o kus mij, o omarm mij
ik ben de witte slanke jongen
ik ben degene die droomde
ik ben de schim in de regen
ik ben de danser, de dirigent
ik ben de man bij het avondrood
ik ben het lichaam
ik ben de enige.


© Hans Lodeizen




Uit: Hans Lodeizen Verzamelde gedichten, Amsterdam, Van Oorschot, 1996/2007 (2e dr.)

Enige vrees


OP ALLE GEZICHTEN



Op alle gezichten van alle mensen
altijd jouw ogen de twee broers
het gebeuren van jou en de onwerkelijkheid
van de wereld

Alle geluiden herhalen je naam
alle gebouwen denken er aan en de affiches
de typemachine raadt het en de sirenes echoën het
elke geboortekreet bevestigt het en de verwerping
van de wereld

Mijn dagen zoeken naar het voertuig van je lichaam
mijn dagen zoeken naar de gestalte van je naam
altijd voor mij in het pad van mijn ogen
en mijn enige vrees is bezinning
die jouw bloed wil veranderen in water
die jouw naam wil veranderen in een nummer
en je ogen iets van herinnering ontzegt


© Ingrid Jonker



Uit: Ingrid Jonker Ik herhaal je - uit het Zuid-Afrikaans vertaald door Gerrit Komrij,
met een nawoord van Henk van Woerden  - Amsterdam, Podium, 2000

Het ruisen


HERBERG ZONDER NAAM



De herberg heeft geen naam, hetzij een die de schaamte
van het grauw dat hier nog samen is kan spreken.
Laatste halteplaats met echte bedden. Het gelag
van sletten en soldaten stoort mij bij het avondmaal.

Ik lees een vers en steel daaruit het vuur
om eigen regels aan te branden. Niet mijn lijf.
Dat gaat vandaag alleen met zichzelf naar bed.

De gelagzaal stroomt pas leeg wanneer het avond is.
Het hormonale ruisen gaat steeds rond –

verwarmt mijn bloed, verdooft mijn oor.


© Chrétien Breukers


Uit: Chrétien Breukers Gysbert Japicx bezoekt het Drielandenpunt, Leeuwarden,
Friese Pers Boekerij, 2009

dinsdag 13 december 2011

Maaltijd in lila


STOPPLAATS



We hielden halt in het stadje de herbergier
liet een tafel in de tuin zetten de eerste ster
flitste aan en doofde we braken brood
je hoorde krekels in de ganzenvoet van de avond
gehuil maar het gehuil van een kind daarnaast gekrioel
van insekten van mensen de vette geur van aarde
zij die met de rug naar de muur zaten
zagen een - nu lila - galgenheuvel
tegen de muur een dichte klimop van executies

we aten veel
zoals altijd als niemand betaalt


© Czesław Miłosz



- vertaling uit het Pools: Karol Lesman -


In: Heb medelijden, tijd. Poolse poëzie van de twintigste eeuw, samengesteld en
vertaald door Karol Lesman, Leiden, Plantage, 2003

Wit papier


VEL




Wat trager toch en moeilijker
getekend dan geschreven:
kilometers krentenbollen,
massa’s met behoeftes,
warme macedoine,
kus van nog zonet,
bijvoorbeeld, enzovoort.

Teken een muur: het is erachter.
Trek een rivier: het veer mag varen.
Teken een streep: herken de verte.
Wit papier is winter.



© Joke van Leeuwen



Uit: Joke van Leeuwen Wuif de mussen uit - gedichten en beelden, Amsterdam, Querido, 2006

Winterfestival


Vier dagen literatuur, muziek en film op Writers Unlimited
(v/h de Haagse Winternachten)
van 19-22 januari 2012 in Theater aan het Spui en het Filmhuis, Den Haag.
Thema: 'Keep on dreaming' 

Klik voor programma en kaarten:

Voor m'n archief


TOEN JE ME TEN HUWELIJK VROEG,

WOU IK NOG HET VOLGENDE



in je dagen bladeren als stonden ze in een archief,
ze kaften, hoofdstukken openslaan
en bovenal verbanden leggen.

hoe je in kamers zonder deuren sliep bijvoorbeeld,
wat dat van je maakte en waarom je zoveel schrijft
over grootouders, rimpels en dood.

ik zou graag teruggaan naar die avond
bij de haard waarop ik je iets vroeg en
je ogen trilden alsof je in een trein zat.

een goede archivaris zet die rubrieken
binnen handbereik.



© Sylvie Marie


Uit: Sylvie Marie Toen je me ten huwelijk vroeg, Antwerpen/Amsterdam, Vrijdag-Podium, 2011

maandag 12 december 2011

Blikje


ZEER KLEINE ODE AAN DE LIEFSTE



vanochtend
zag ik op straat
een leeg heinz-blikje liggen:
en onmiddellijk
dacht ik aan jou:
57 varieties


© Cees Buddingh'




Uit: C. Buddingh' Gedichten 1938-1970, Amsterdam, De Bezige Bij, 1977

Reiziger


IN HET WATER KIJKEN



In een heldere vijver in Transsylvanië
aan de voet van een Draculaburcht
zag ik een salamander uit de diepte

omhoogkomen, majesteitelijk traag,
een bel lucht happen en met een nonchalante
beweging weer naar de bodem zakken.

Dinosaurus en ruimtewandelaar tegelijk:
een mens in een salamanderpak verlaat
het zonnestelsel omdat de centrale ster sterft.

Reiziger tussen wier, torren, sterrennevels,
spiegeling van de Draculaburcht.
Steeds beter besef je dat wat je ziet

niet de waterwereld hier beneden is of
het ijle heelal boven, maar de toekomst
van wie zich daartussen bevindt.


© Rouke van der Hoek



Uit: Rouke van der Hoek Wolventeldag, Amsterdam/Antwerpen, Atlas, 2008