Posts tonen met het label Carla Bogaards. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Carla Bogaards. Alle posts tonen
zondag 11 december 2011
Klonterende mascara
SCHON WIEDER IST VON MEINER ZEIT EIN LEBENSJAHR DAHIN *
De tijd van een minnaar zo jong dat hij van een beetje coke al in mijn bed plaste,
zocht ik jaar op jaar naar het vuurwerk van de Chinese families,
er een camee in mijn ogen werd geprojecteerd
vanaf de straathoeken die ik op mijn zoektocht overstak,
er joegen Wedgewood blauwe sneeuwstormen door de lege bossen van onze verjaarskalender,
backstage dronken we whisky en champagne, we rookten filtersigaretten,
gulzigaards dat waren we, ik ook, maar ons lichaam deelden we,
Jezus volgend; neem dit brood dit is mijn lichaam, drink deze beker wijn, mijn bloed,
ik verdien meer dan de herinnering aan ontwaken met samengeklonterde mascara op mijn wimpers,
koortsig rode oorschelpen, de beeldschone jongen die mijn bed natmaakte,
de steen viel uit mijn ring, maar ik droeg de camee,
roze als mijn slaapwangen, totdat ik het vuurwerk van de Chinese familie op het spoor kwam.
© Carla Boogaards
* cantate van Bach
Nieuw werk van Carla Bogaards, in: Meander aflv. 391, juni 2010
donderdag 10 februari 2011
Blues
DE PIJN IN DE OCHTEND
Op een zomeravond, het stikt van de muggen,
kan je beter op de stoep van je huis gaan zitten
waag een gokje, het is zomer in de stad
er kan van alles gebeuren, de lucht is als een zwarte zee
iedereen wil wel iemand in z’n armen houden
laat je hart toch breken, wat kan jou het schelen,
dan kan je tenminste als je bij de hemelpoort aanklopt
zeggen , god wees lief voor me, ik heb een gebroken hart
nu nog niet, niet je zakken vol stenen
het water is niet koud genoeg
pik iemand op
het is zo’n heerlijk avond, de lucht
licht van de maan en stil als de zee
en god die je gebroken hart lijmt
holy shit, zegt god, die chick heeft de blues
ze moet op de stoep voor haar huis gaan zitten
pech van die muggen
en een gokje wagen.
© Carla Bogaards
Uit: Carla Bogaards Dat zwart gewalste hart Amsterdam, Veen, 2006
zaterdag 16 oktober 2010
Ivoren kam
HET LICHT
Mijn gezicht is bleek, er is geen licht in deze stad,
ik steek mijn haar op met een ivoren kam,
ivoor is het ooglid van mijn kind en het halsje,
ivoor is de sneeuw in de parken
ze worden gemeden
behalve door dichters,
mijn gezicht is bleek van heimwee, er is geen licht in deze stad
geen ster te zien, verguld of bestreken met ivoor,
geen vis zwemt in de rivier de Moskva,
de kraaien schreeuwen van kou,
ik steek mijn haar op met een ivoren kam.
Kind als ik je weer in mijn armen houd
laat ik mijn haar hangen
kleuren mijn wangen zich bloesemiger dan rode anjers
voer ik je het sap van lila passievruchten,
tot die tijd leg ik de rug van mijn hand over mijn ogen.
© Carla Bogaards
Uit: Carla Bogaards God bewogen, Amsterdam, Meulenhoff, 1997
Abonneren op:
Posts (Atom)