donderdag 25 augustus 2011
In schoonschrift
ANTON
Links een tenger en goudblond godinnetje,
keurde me geen blik waardig.
Maar het deed me niets: sinds elf september
ligt een Arabier nu eenmaal slecht
in de markt. Rechts
een stelletje: zij, reuzin, pokdalige kop,
paarsfluwelen avondjurk, ik vond het
wel wat hebben. Dus toen haar vriend even verdween
raakten we in gesprek; ze werkte, vertelde ze,
voor een castingbureau; die middag had ze,
voor een nieuwe Nederlandse dramaserie,
NSB'ers gecast.
Ach, mijn joodse verloofde en ik,
zienderogen worden we ouder en dikker samen,
scheppen steeds meer behagen in eten
en slapen. Toen haar vriend weer opdook
kuste hij haar blote schouder en keek mij
ondertussen strak aan. De slanke blondine
links van mij, zag ik nu, had op de achterkant van haar nek,
over de volle breedte, een tatoeage:
Anton
stond er,
in schoonschrift, tussen
twee hartjes in.
© Mustafa Stitou
Uit: Mustafa Stitou Varkensroze ansichten, Amsterdam, De Bezige Bij, 2003
vrijdag 3 juli 2009
Afgewaaid
DE SCHIL WAAROP WIJ LEVEN
1.
Het onderliggende het zich tonende,
het zich tonende het zich tonende. Op voormalige
zeebodem een vinexvesting, met zo natuurlijk
mogelijk bos omgeven, recreatiepaden,
en met kunstwerk binnenkort. Alma Mater
heet het beeld van Johan IJzerman
en wordt gebouwd van gras,
de schil waarop wij leven.
Hier zijn pionieren klootjes of crimineel
en wie niet te categoriseren valt
in een aparte doos – woonkamers wemelen
van geruchten over een pedofiele buur
en asielkampen moeten het liefst
aan de horizon staan, zo scheidt men
het goede van het zwarte.
Transcendentie schenkt een machtige eik misschien,
een afgewaaid takje staat goed in een vaas
chrysanten, weet Klazien.
Mustafa Stitou
Uit: Mustafa Stitou Varkensroze ansichten, Amsterdam, De Bezige Bij,2003
donderdag 14 mei 2009
Visioen
O VRIJHEID!
jij vaal
vaal visioen
uit een ver verleden
van vermetele filosofen
er zijn er die roepen dat je maar
een middel bent
tot blijheid
- hoe durven ze!
heeft niet het leven
juist omwille van jou
ontelbare levenden afgestaan?
slapen in jouw schoot niet rechten
en plichten zacht?
o vrijheid!
bén je een maar een vaal visioen
of ben je de grond,
onvervreemdbare grond
voor ons dierbaarste doen
ons meest achteloze laten?
Mustafa Stitou
Gedicht op uitnodiging geschreven en voorgedragen tijdens Nationale Herdenking op de Dam, 4 mei 1999.
Hier uit: De verleden tijd van vrede - dichters over 4 en 5 mei. Amsterdam, Stichting Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek (CPNB) & Nationaal Comité 4 en 5 mei (2005).
Mustafa Stitou, geboren in Marokko (1974) en getogen in Nederland, publiceerde als eerste dichter van Marokkaanse afkomst een dichtbundel in het Nederlands. Voor dit debuut Mijn Vormen werd hij tijdens het Poetry Internationalfestival genomineerd voor de C. Buddingh' Prijs 1994.
Stitou's jongste bundel, Varkensroze ansichten (2003), werd bekroond met de Jan Campertprijs en de VSB Poëzieprijs.